Kaat Bas uit Bocholt won in 2017 op 12-jarige leeftijd de lokale voorronde van Junior Journalist. Nog geen vier jaar later, geeft ze haar eerste boek uit De 9 dochters. Ze bedankte achteraf zelfs expliciet een van de vrijwilligers van Davidsfonds, Ann Rombaut. Maak kennis met deze getalenteerde Junior Journalist en lees de eerste pagina’s uit haar boek.

Dubbelinterview met Kaat Bas en Ann Rombaut

Je moest op zoek naar een uitgever. Hoe heb je dat aangepakt?

Kaat: “We kenden iemand die al een boek had uitgegeven bij Uitgeverij Het Punt en zijn zo met hen in contact gekomen. In november van vorig jaar heb ik dan het script doorgestuurd. Daarna bleef het een tijdje stil tot in januari, toen ik het verlossende mailtje terug kreeg dat mijn boek gepubliceerd kon worden. Daarna mocht ik in een beeldendatabank een foto kiezen die op de cover van mijn boek zou komen. Daar is de uitgever mee aan de slag gegaan en enkele weken later, in maart, kreeg ik dan het proefboek in de bus.”

Ann: “Het is nog een redelijk vers geperst boek dus.” (glimlacht)

Heb je schrijflessen gevolgd?

Kaat: “Nee, ik ben er eigenlijk gewoon aan begonnen. Met corona hadden we natuurlijk veel extra tijd. We kregen enkel in de voormiddag les, waardoor ik in de namiddag ruim de tijd had om te schrijven.”

Ann: “We mogen wel zeggen dat Kaat al van jongs af aan schrijftalent had. Ze won in 2017 in het zesde studiejaar de plaatselijke Junior Journalist wedstrijd. Dat is de eerste keer dat ze met een van haar schrijfsels een prijs gewonnen heeft. Dat inspireerde haar enorm om verder aan de slag te gaan met haar talent.”

Kaat: “Dat klopt. We hebben dat diploma van Junior Journalist ingekaderd en het hangt nu nog steeds aan de muur op mijn kamer. Ik ben er dan ook zeer trots op dat ik de winnaar was.”

Wat weet je nog zelf van het verloop van die wedstrijd?

Kaat: “We moesten een tekst schrijven binnen het thema ‘Hoe groen is onze blauwe planeet’. Onze tekst mocht niet langer zijn dan één bladzijde, maar ik was zo op dreef dat ik op het einde van mijn blad wel heel klein moest schrijven om alles er nog op te krijgen. Ik schreef een fantasieverhaal over een kabouter die de regendruppels ging wassen en de regenboog terug kleur ging geven.”

Ann: “Als ik het me nog goed herinner was de titel Zonnestraal heeft gelijk.”

Kaat: “Dat klopt. Mijn klasgenoten zeiden allemaal dat ik zeker en vast zou winnen, maar zelf twijfelde ik nog. Voor de prijsuitreiking kwamen de bestuursleden naar onze klas en lazen daar de winnaars voor. Tot mijn grote vreugde ging ik met de eerste prijs lopen.”

Ann: “Voor ons wat het duidelijk dat Kaat er dat jaar met kop en schouders bovenuit stak. Ze heeft me zelfs nog een bedankkaartje en een exemplaar van haar boek bezorgd. Dat zijn echt de momenten waar we het voor doen.”

Wie zijn jouw literaire helden?

Kaat: “Jane Austen, maar ook Lize Spit of J.K. Rowling zijn grote voorbeelden voor mij.”

Waarom zou iemand jouw boek moeten lezen?

Kaat: “Het is een boek dat leeftijdloos is. Er is een meisje van 8 jaar dat het gelezen heeft, maar ook volwassenen genieten er duidelijk van.”

Ann: “Ik heb net hetzelfde gezegd. Ik ga het boek nog cadeau doen aan mijn moeder van 91 jaar en zij gaat dat even graag lezen. Ik heb het boek op reis gelezen en het was heel ontspannend, een ideaal boek voor op vakantie dus. Voor wie nog een boek zoekt om mee te nemen deze zomer, kan ik De 9 dochters warm aanbevelen.”

Leesfragment: De 9 dochters


Anne-Marie


Ik zat achter mijn piano. Zoals altijd. Mijn vader vond het maar niets, maar muziek was mijn enige liefde. Ik kon er al mijn emoties in leggen en alles rondom mij vergeten. Het was mijn passie. We hadden veel instrumenten. Mijn oom gaf me vaak een instrument cadeau voor mijn verjaardag of met kerstmis. Hij was erg rijk en vond het geweldig als ik muziek speelde. Ik streek mijn blonde haren uit mijn gezicht en zette mijn vingers op de toetsen. Mijn vader kwam binnen. ‘Anne-Marie, zit je nu alweer achter die piano?’ Ik veegde mijn handen af aan mijn blauwe jurk. ‘Sorry vader.’


‘Je moet meer aandacht besteden aan je studies, net zoals Lizzy.’


‘Maar ik ben niet zoals Lizzy, ik wil muziek maken.’ Mijn vader zuchtte en liet zich in zijn favoriete zetel zakken. ‘Anne-Marie lieverd, met muziek ga je het niet maken. Daar kan jij de kost niet mee verdienen. Je moet je op je studies focussen, en een geschikte echtgenoot vinden.’ Ik zuchtte. Zo ging het nu eens altijd. Hij begreep me nooit. ‘Je bent beeldschoon lieverd, elke man zou met je willen trouwen.’


‘Ik ben pas achttien vader. Ik wil nog genieten van het leven, ik wil me niet aan iemand binden.’ Mijn vader wreef met zijn wijsvingers over zijn slapen. ‘Zodra ik de geschikte huwelijks-kandidaat vind, zal jij met hem trouwen, zodat je een mooi leven vol luxe zal kunnen leiden.’ Ik zuchtte, en verliet de kamer. Ik liep door de grijze gangen, en keek door het raam naar onze grote tuin. Florina zat tegen een boom geleund, en was zoals altijd druk aan het schrijven. Ieder van ons had iets wat ons speciaal maakte, maar vader zag niet, dat het ons ook gelukkig maakte, en dacht alleen maar aan geld en zijn eigen imago. Ik liep de trap op naar boven, en ging naar mijn slaapkamer die ik met Simone deelde. Wij twee waren de oudste zussen. Eerst Simone dan kwam ik, vervolgens Rozelien daarna Eliza, dan kwam Florina, dan Nora, daarna de tweeling Talia en Lore en de jongste zus was Lizzy. Vader verwachtte dat ik en Simone snel zouden trouwen. Dan zouden wij het huis uit zijn, en dat zou veel gemakkelijker zijn. Simone was veel te lief, om hem te zeggen dat ze niet wilde trouwen, maar ik kon hem niet zo met mijn leven laten spelen. Ik ging op de vloer naast ons bed liggen en strekte mijn arm zodat ik mijn viool onder het bed uit kon halen. Ik wou nog even spelen. Ik wist niet of mijn echtgenoot van muziek zou houden, en hij zou misschien al mijn instru-menten opbranden. Iets wat mijn vader alleen maar zou aanmoedigen. Ik wist niet of vader wel aan mijn geluk dacht. Hij wilde alleen maar een rijke vent voor me vinden, voor meer comfort. Ik wilde iemand waar ik echt van hield. Het maakte me niet uit of hij straatarm was. Simone kwam binnen. ‘Ga je viool spelen?’ vroeg ze. Ik knikte. ‘Ik zou misschien toch eerst even naar beneden komen. Talia is in tranen. Ik kan Lore niet vinden en jij kan haar altijd wat kalmeren.’ Ik knikte, en stond recht. ‘Wat is er gebeurd?’


‘Moeder heeft haar schetsboek gevonden.’ Ik beet op mijn lip. Talia ontwierp graag kleren, maar ze ontwierp niet echt jurken die moeder of vader leuk zouden vinden. Ofwel waren ze te bloot, of te kort. Talia vond ook dat vrouwen ook broeken mochten dragen. Iets wat totaal niet door de beugel kon. Ik volgde Simone de trap af. In de keuken zat Talia in een hoekje op de grond te huilen. Ik ging naast haar zitten, en sloeg een arm om haar heen. Snikkend liet ze zich tegen me aanvallen. ‘Moeder heeft mijn schetsboek aan vader gegeven.’ Ik streek zachtjes over haar bruine haren. ‘Het komt wel goed, ik zal het uit zijn bureau halen.’ Ze keek me aan. ‘Gaat dat lukken denk je?’ Ik haalde mijn schouders op. ‘Ik heb mijn dwarsfluit toch ook terug.’ Ze glimlachte. ‘We gaan ons niet door hem laten doen. ‘


Ik trok haar terug tegen me aan. Ik zou me helemaal niet laten doen door vader. Ik zou niet met een of andere rijke vent trouwen, die ik helemaal niet mocht. En ik zou ook nooit mijn muziek achter me laten. Ik keek nog eens naar mijn huilende zusje. Was hij zo blind dat hij dit niet zag. Hij maakte zijn negen dochters ongelukkig. Een half uurtje later was Talia weer wat gekalmeerd, en bracht Simone haar naar haar kamer. Ik had vader naar buiten zien lopen, en dus zou ik mijn kans wagen. Ik sloop naar zijn bureau, en klopte zachtjes aan. Er was niemand. Ik opende de deur, en liep naar binnen. De donkere groene muren hingen vol met schilderijen die hij voor een prikje gekocht had. De ene nog gruwelijker dan de andere. Toen ik klein was vond ik het doodeng om hier te komen. De bloederige taferelen die aan de muren hingen bleven me achtervolgen in mijn dromen. Ik liep naar zijn houten bureau in het midden van de kamer. Het schetsboek lag er niet bovenop. Voorzichtig trok ik alle lades open. Eén voor één. In de middelste lade van rechts vond ik Talia’s schetsboek. Ik sloop terug de gang op, en liep naar boven. Ik zou het schetsboek even op mijn kamer ver-stoppen. Als vader er achter kwam dat het schetsboek verdwenen was, zou hij de kamer van de tweeling helemaal doorzoeken. Ik ging op de grond liggen, en verstopte het boek bij mijn viool. Ik hoorde de voordeur opengaan, en terug in het slot vallen. Vader was terug thuis. Ik hoopte maar dat Talia op haar kamer was. Hij mocht haar absoluut niet verdenken van het terugstelen van haar schetsboek. Ik liep de gang op, recht naar de tuin. De zon scheen prachtig. Het was perfect weer om met mijn gitaar in de zon wat te gaan spelen. Maar mijn vader vond een gitaar een verschrikkelijk instrument. Het was helemaal niet damesachtig volgens hem, dus besloot ik gewoon in het gras te gaan zitten en te genieten van het vrolijke gezang van de vogeltjes, die altijd volop muziek mochten maken. Ik dacht na. Zou mijn moeder door haar vader ook uitgehuwelijkt zijn? Was ze wel gelukkig? Grootvader en vader konden het altijd goed hebben aan tafel als hij op bezoek was, maar moeder zag er altijd maar prikkelbaar uit als haar ouders weer eens voor de deur stonden. Toch zei ze er niets van dat vader ons wou uithuwelijken. Ik zuchtte. Ik moest genieten van de kleine vrijheid die ik nu had, voordat ik ook die zou verliezen.



Lore


Ik stond in de keuken. Ik wist dat vader het niet goed zou vinden. Daar hadden we immers personeel voor, maar ik hield van de heerlijke geur van kaneel en appels, wanneer ik weer eens appeltaart bakte. De keukenmeid zei altijd dat zij die gemaakt had, om mijn geheim te bewaren. Ze was echt een schat. Ik veegde het bloem van mijn gezicht, en waste mijn handen. Het rook heerlijk in de keuken, toen de taart in de oven stond. Ik hoorde geschreeuw boven me. De deur naar de keuken ging open, en Talia rende naar beneden. Snel verstopte ik me achter het grote aanrecht in het midden van de keuken. Ik had Talia beloofd niet meer in de keuken te komen, maar ik kon het niet laten. Ze huilde. Ik wilde dolgraag mijn armen om mijn twee-lingzus slaan en haar troosten, maar ik bleef zitten. Ik hoorde voetstappen de trap af komen. ‘Moeder heeft mijn schetsboek aan vader gegeven.’


‘Het komt wel goed, ik zal het uit zijn bureau halen.’ zei Anne-Marie.


‘Gaat dat lukken denk je?’


‘Ik heb mijn dwarsfluit toch ook terug.’


Ik slikte. Had moeder Talia’s schetsboek gevonden. Ik had nog zo gezegd dat ze er voorzichtig mee moest zijn. Anne-Marie moest voorzichtig zijn. Als vader ontdekte dat iemand iets uit zijn bureau gestolen had, zou zijn woede te groot zijn. Ik dacht na. Kon ik haar maar tegenhouden. Anne-Marie verzette zich veel te veel tegen vader. Ik keek naar de muur en probeerde me zo stil mogelijk te houden. Ze stonden op, en verlieten de kamer. Ik haalde opgelucht adem. Ik moest hier zo snel mogelijk weg. Het was iedereen vast opgevallen dat er weer appeltaart in de oven stond. Als Talia het maar niet gezien had. Ze was zo al van streek. Ik liep de trap op. Er was niemand op de gang. Snel liep ik naar de achterdeur, de tuin in. Ik zette het op een lopen tot ik helemaal achteraan in de tuin was. Ik opende het tuinhek, en sprong over het beekje. Ik bleef lopen. Helemaal buiten adem stopte ik aan de rand van het bos. Nu kon helemaal niemand me nog verdenken van het bakken van die appeltaart. Ik keek naar de lucht. Aan de stand van de zon te zien was het bijna etenstijd. Ik draaide me om, en begon aan mijn tocht terug naar huis. Toen ik terug thuis kwam, stond moeder aan de achterdeur te wachten. ‘Waar heb jij in hemelsnaam gezeten? Het is etenstijd. En wat heb je met je jurk gedaan?’ Ik keek naar beneden. De rok van mijn jurk zat onder het vuil. ‘Sorry moeder.’ ‘Sorry ja, wacht maar tot je vader dit ziet.’ Mopperend liep ze naar binnen. Ik volgde haar en wilde de trap op gaan om iets anders aan te trekken, toen mijn moeder me bij mijn pols greep. ‘Oh nee jongedame, jij gaat zo naar binnen, en legt het uit aan je vader.’ Ik zuchtte, en volgde moeder naar de eetzaal. Toen ik binnenkwam zat iedereen al aan tafel. Mijn vader keek me streng aan. ‘Lore, wat heb je met je jurk gedaan.’ Ik staarde naar mijn voeten. ‘Sorry vader, ik zat in de tuin en…’

‘Ben je naar het bos geweest?’ Ik knikte. ‘Je weet best dat je daar niet mag komen.’


‘Sorry vader.’ Ik ging op mijn gebruikelijke plaats tussen Talia en Lizzy zitten. Het was stil aan tafel. ‘Heb ik jullie nooit op-gevoed?’ vroeg mijn vader, aan niemand specifiek. ‘Alleen vandaag al hebben drie dochters zich ongepast gedragen. Anne-Marie, jij moet niet meer tegen me ingaan. Je gaat bin-nenkort trouwen, en vanaf dan laat je je muziek achter je.’


‘Nee vader, ik ga niet trouwen. Ik blijf muziek spelen. U kunt niet alles bepalen wat ik doe in mijn leven.’ Vader legde zijn mes en vork neer. Ik keek naar Anne-Marie. Haar mooie gezicht keek uitdagend naar vader. ‘Jij zult luisteren, en precies doen wat ik zeg jongedame.’

Benieuwd hoe het verder gaat met Anne-Marie en Lore? Koop het boekDe 9 dochters’ hier. Kriebelt je pen al na het lezen van dit verhaal? Neem dan deel aan Junior Journalist en word de winnaar van 2022! Meer informatie op juniorjournalist.be.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s