Bezield, bevlogen en gedreven: Kurt Van Eeghem kan zijn grote passie en kennis van cultuur niet wegstoppen. In elk nummer van het Davidsfonds Cultuurmagazine neemt hij cultureel Vlaanderen onder de loep en vertelt hij wat zijn hart sneller doet kloppen. Dit is zijn column uit het nummer van maart 2020.

– Kurt Van Eeghem

Jarenlang besprak ik de operavoorstellingen voor Radio 1 en Klara. Ik deed dat met groot enthousiasme en word daar nog altijd over aangesproken. Onlangs hield een lieve mevrouw me staande op de Antwerpse Meir. Of ze me iets mocht vragen, vroeg ze. Natuurlijk mocht dat, want vragen om iets te mogen vragen vind ik het toppunt van beleefdheid. “Wat vind je nu precies zo bijzonder aan opera?” vroeg ze.

Het bleef even stil. Je kunt dat niet zomaar in twee woorden vatten. Ik begon aan een lang verhaal. Dat de opera de basis is van alle theater, dat alle kunstvormen er samen komen in een soort van rituele ceremonie. “Ik verveel je toch niet?” vroeg ik tussendoor. “O nee,” antwoordde ze, “ik luister aandachtig.” Om ons heen stroomde de winkelende massa voorbij.

Elk groot theater werkt met symbolen die verwijzen naar de Grieken, denk maar aan Shakespeare of Racine, maar ook aan Claus en Lanoye.

Het ‘drama per musica’ ontstond zo’n vierhonderd jaar geleden in Firenze, toen geld, intellect en kunst elkaar vonden in de zoektocht naar het antieke Griekse theater. Het uitgangspunt werden de mythen en sagen over de Griekse godenwereld. Muziek, architectuur, dans en tekst vonden elkaar in wat een nieuw genre zou worden, de opera. “En dat rendez-vous van al die kunstvormen”, zei ik, “dat is precies wat mij zo intrigeert.”

De eerste opera, van Jacopo Peri, vertelde het verhaal van Daphne, de nimf die door Apollo werd achtervolgd en veranderde in een laurierboom. Elk groot theater werkt met symbolen die verwijzen naar de Grieken – denk maar aan Shakespeare of Racine, maar ook aan Claus en Lanoye. Telkens opnieuw grijpen de meesters terug naar de oude verhalen. Peri liet de tekst begeleiden met muziek en liet zijn acteurs dansen in een architecturaal decor. Dat was nieuw.

“Gisteren”, ging ik voort, “zag ik in Opera Vlaanderen een uitvoering van Rusalka, het meesterwerk van Antonín Dvořák. Een verhaal over waternimfen en heksen dat zo uit een Griekse mythe kon komen: schuld en wanhoop, liefde en ontrouw, het is er allemaal. In deze voorstelling werd elke rol gespeeld door een zanger(es) en danser(es). Het ontdubbelen zorgde voor een leesbare voorstelling. En het decor was een architectonisch, bewegend, monumentaal kunstwerk.” Toen stelde mevrouw een nieuwe vraag: kon ze dat kunstwerk nog ergens zien? Ik stelde haar gerust: “Rusalka is uitgewalst, maar er komt nog meer mevrouw, nog veel meer.”

Met je Davidsfonds Cultuurkaart krijg je 15% korting voor een aantal producties bij Opera Ballet Vlaanderen. Alle info vind hier.
Ben je net als Kurt gebeten door muziek? Ga dan mee op muziekreis met Davidsfonds Cultuurreizen.

Copyright foto: Thomas De Boever

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s